Er is een schreeuwend tekort aan technische mensen. Of je nou een klus in huis hebt, of een hightech-bedrijf hebt: de mensen zijn er simpelweg niet. Komt dat doordat Nederlanders liever een kantoorbaan hebben? Is die trend te keren? En hoe groot en acuut is het probleem? Er is good, bad en ugly nieuws. 'De helft van de technische opleidingen op het VMBO riskeert op termijn sluiting.'

Tijdens de coronacrisis kwam de term 'cruciaal beroep' op. Zonder zorg, onderwijs en bevoorrading van de supermarkten en vuilnisophalers zou de samenleving stil vallen. Technische mensen kregen toen vaak niet het stempel cruciaal. Maar wie nu - zonder de druk van een pandemie - kijkt naar wie onze welvarende samenleving draaiende houdt, kan niet om de technische mensen heen.

Zij zijn het die de gemalen draaiende houden en Nederland droog houden. Zij zijn het die de nieuwe huizen van stroom moeten voorzien. Die ervoor hebben gezorgd dat een Nederlands bedrijf een van de meest complexe machine ter wereld kon uitvinden en maken, ASML's EUV-machine. Technici houden het chaotische ICT-systeem van menig mkb-bedrijf en multinational draaiende. Zij repareren je auto en verhelpen je rioleringsprobleem.

Het goede nieuws

Zonder technici kan Nederland niet draaien. Bijna 2 miljoen mensen in Nederland hebben een technisch beroep, 19% van alle werkenden. Toch zijn er al jaren berichten van grote tekorten. 'Vakmensen' vinden, wordt steeds moeilijker. Kiezen Nederlanders dus steeds vaker voor een makkelijker kantoorbaan? Liever managen dan rekenen?

Dat valt op het eerste gezicht reuze mee. Of eigenlijk: het gaat hartstikke goed. Want tien jaar geleden waren er nog veel minder technici aan het werk: 1,5 miljoen, blijkt uit cijfers die het Centraal Bureau voor de Statistiek verzamelde.

Tagged in: